Luxembourg, 6e arrondissement van Parijs


is de buurt van de antiquairs, trendy winkels en de oude literaire cafés. Een gezellige buurt vol met historie. Het Institute de France, waar de Franse taal wordt bewaakt, is vooral ‘s avonds prachtig te bekijken vanaf Pont des Arts. In dit gedeelte van Parijs ligt één van de mooiste parken van de stad, de tuinen van Palais Luxembourg. Er is in de omgeving van St.-Germain des Prés behoorlijk wat gefilosofeerd in legendarische cafés als Brasserie Lipp, Café de Flore en Les Deux Magots. De oudste kerk van Parijs, de St.-Germain des Prés met één van de oudste klokkentorens van Frankrijk en de vreemde St.-Sulpice, beroemd geworden door de bestseller ‘Da Vinci Code’ zijn hier te vinden. Een klein straatje, maar bomvol geschiedenis, intriges, anekdotes en de oercel van de revolutie maakt deze wijk helemaal compleet.

Een mooie wandeling, die voor een gedeelte door deze buurt loopt, is te bekijken en te downloaden op de wandelpagina.


Institut de France

Gebouwd: 1662-1684
Architect: Louis Le Vau
Opdrachtgever: kardinaal Mazarin
icono-mapa-65

vanaf Cour Carrée - Institut de France - Parijs

Institut de France gezien vanaf Cour Carrée (Louvre)

Mazarin, de eerste minister en feitelijk bestuurder van Frankrijk tijdens Lodewijk XIV, overleed in 1661 en liet een fortuin na. Hij wilde graag dat een groot gedeelte van zijn fortuin gebruikt ging worden voor de bouw van een college en een bibliotheek die twee maal per week geopend zou zijn voor het publiek. De eerste Franse openbare bibliotheek kreeg de naam College Mazarin, hoe vreemd. Helaas voor Mazarin, maar in het algemeen wordt het Collège des Quatre-Nations genoemd.
De toevalligheid wilde dat architect Le Vau (Versailles, Vaux-la-Vicomte, Chateau Vincennes, etc.) nog een tekening over had die eigenlijk bedoeld was voor het Louvre. In 1663 begon Le Vau met de bouw, maar na de dood van Le Vau in 1670 werd het werk afgemaakt door anderen. Het prachtige gebouw is in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw schitterend gerenoveerd en is gezien vanaf Pont des Arts, zoals op de bovenstaande foto, werkelijk een parel aan de Seine.Het gebouw wordt nu bewoond door het Institut de France, een wetenschappelijk instituut. Het Institut de France werd opgericht op 25 oktober 1795 in het Louvre, maar door Napoleon in 1805 verhuist naar deze locatie.

Het Institut de France is samengesteld uit vijf, deels oudere academies:
• Académie Française, opgericht in 1635
• Académie des Inscriptions et Belles-Lettres, opgericht in 1663
• Académie des Sciences, opgericht in 1666
• Académie des Beaux-Arts, opgericht in 1816
• Académie des Sciences Morales et Politiques, opgericht in 1795

De meest bekende is de Académie Français. De Académie heeft twee functies; het toezien op de woordenschat en de grammatica van het Frans, en het bevorderen van het gebruik van het Frans wereldwijd. Dit laatste doet men onder meer door het jaarlijks toekennen van ongeveer 60 literaire prijzen, waaronder de Prix de l’Académie Française.
De Académie is een zeer prestigieus instituut en heeft slechts 40 leden. De leden van de Académie worden gekozen voor het leven. Zij staan bekend als ‘les immortels’ ofwel de onsterfelijken. Deze naam is afgeleid van het devies À l’immortalité dat staat op het zegel dat door Richelieu aan de Académie werd geschonken. Veel van de (voormalige) leden zijn bekende Franse schrijvers, dichters, filosofen, wetenschappers en staatslieden. Het wordt als een grote eer beschouwd om gekozen te worden in de Académie Française. In 1980 werd Marguerite Yourcenar als eerste vrouw toegelaten tot de Académie.

Pont des Arts - Institut de France - Parijs

De Académie Française is tevens één van de oudste academies van Frankrijk. Zij werd officieel opgericht in 1635 door Kardinaal Richelieu. De Académie bestond al vanaf 1570, maar functioneerde informeel tot de officiële erkenning in 1635. De functie die de Académie kreeg was eenheid in de Franse taal te creëren, grammaticaregels op te stellen en de Franse taal zuiver en begrijpelijk voor allen te maken. Men begon met het maken van een woordenboek, de Dictionnaire de l’Académie Française, die een normbepalende functie moest krijgen. De eerste versie van dit woordenboek werd uitgegeven in 1694. Men is nu bezig met de negende editie.


Odeon

Gebouwd: 1779
Architecten: Charles de Wailly en Marie-Joseph Peyre

icono-mapa-65

Theater Odeon Parijs

Dit theater bevindt zich in de buurt Odeon, wat ligt in de wijk Le Luxembourg. In 1779 werd het theater gebouwd ten behoeve van de Comédie-Française, die al twaalf jaar hun toevlucht hadden gezocht in de theaterzaal van het Palais des Tuileries. De opening vond plaats op 9 april 1782 door koningin Marie-Antoinette. Tijdens de Revolutie viel het toneelgezelschap (én Marie-Antoinette) uiteen en werd het theater in 1797 door een ander theatergezelschap overgenomen en omgedoopt in Odeon. Helaas was er weer een tegenvaller in 1818, men had iets met brand in Parijs, maar 1819 werden de deuren weer geopend en tot op de dag van vandaag worden er nog steeds voorstellingen gegeven. De straten in de directe omgeving zijn genoemd naar grote schrijvers als Corneille, Racine, Voltaire (nu Rue Casimir-Delavigne), Molière (nu Rue Rotrou), Crébillon en Regnard. Loop even naar de Rue de Condé, staan veel oude herenhuizen en op nr. 26 schreef Beaumarchais in 1775 zijn bekende “Barbier van Sevilla”. Aan het eind van de straat zie je de muren van het Palais Luxembourg.


Palais en Jardin Luxembourg

Gebouwd: 1612
Architect: Salomon de Brosse
Opdrachtgever: Maria de’ Medici
icono-mapa-65

In 1612 besloot Maria de' Medici, na de moord op haar man Hendrik IV, een Hôtel om te bouwen tot paleis, omgeven door een prachtige tuin. Als van oorsprong Italiaanse wilde ze graag terug naar haar Toscaanse geboortegrond, maar om politieke redenen was daar niet de mogelijkheid voor. Dus werd hier op deze plek een weelde aan luxe en rust gecreëerd en verruild voor haar toen huidige woning, het Louvre. Volgens zeggen deed het Louvre haar teveel denken aan de talloze maîtresses van haar man. Het Hôtel en de enorme hoeveelheid grond, werd na aangekocht te zijn van Hertog van Luxembourg, omgedoopt tot Palais de Medici. Na een fikse ruzie met haar zoon Lodewijk XIII, werd Maria verbannen naar Keulen waar ze als een eenzame vrouw zal sterven in 1642. In Parijs was men haar spoedig vergeten en gaven het Palais zelfs een nieuwe naam, Palais Luxembourg. Natuurlijk hebben de Parijzenaars het wel aan haar te danken dat deze prachtige tuinen zijn aangelegd.
De tuin heeft maar liefst een oppervlakte van 23 ha. en is een lusthof voor mensen die gek zijn op beeldhouwwerken en fonteinen. De meest bekende fontein is de Fontaine de Medicis, een barokke fontein ontworpen in 1624. Het bevindt zich aan het einde van een kleine lommerrijke vijver aan de noordoostelijke zijde van het park.
Een typisch Italiaanse ingerichte tuin in het hartje van het oude Parijs, waar alle talen der wereld gesproken worden, het ligt namelijk op steenworp afstand van de internationale universiteit, de Sorbonne.

In 1750 was hier het eerste museum wat toegankelijk was voor publiek in Parijs. Ten tijde van de Revolutie werd het paleis van de koninklijke familie ontnomen en werd het ingericht als staatsgevangenis. In 1795 werd het gebouw door de Directoire in gebruik genomen en weer later zal Napoleon hier het Senaat vestigen.


Place St.-Michel

Aangelegd: 1860
Fontein: Gabriel Davioud

Opdrachtgever: Napoleon III
icono-mapa-65

Place St.-Michel Parijs

Op Place St.-Michel staat een prachtige fontein, ontworpen door Gabriel Davioud in 1860.
Op deze plek zou eerst een standbeeld van Napoleon Bonaparte komen, maar uiteindelijk koos men voor de aartsengel Michaël. Schuin achter je is één van mijn favoriete terrasjes van Parijs, Le Depart Saint Michel.


Saint Germain des Prés

Gebouwd: 558
Architect: Jacques-Germain Soufflot
Opdrachtgever: Childebert I, zoon van Clovis I
icono-mapa-65

St.-Germain-des-Prés - Parijs

De oudste kerk en het oudste gebouw van Parijs uit de tijd van Merovingers. Childebert I liet de kerk bouwen om er de uit Spanje afkomstige relikwieën van St.-Vincent te bewaren. Het was Germain, de bisschop van Parijs, die de kerk inwijdde. Pas nadat Germain overleden was, in deze kerk begraven werd en in 754 heilig werd verklaard, kreeg de kerk zijn huidige naam. De toevoeging van ‘des Prés’ (weiland) heeft te maken met het feit dat de bevolking vroeger door de weilanden moest lopen om hier te kunnen komen. De kerk heeft het vooral zwaar te verduren gehad ten tijde van de Noormannen. Het werd maar liefst in 40 jaar tijd 4 keer verwoest. Tijdens de Revolutie diende de kerk als salpeterraffinaderij en pas in de vorige eeuw werd er een kerktoren opgezet. Veel van bouw uit de 6e eeuw is er niet meer over, maar van de kloostertuin is nog een gedeelte bespaard gebleven en is open voor publiek. De klokkentoren, het enige oude overgebleven uit de 10e eeuw, is zelfs één van oudsten van Frankrijk.

St.-Germain-des-Prés - Parijs

De woonwijk rondom de St.-Germain-des-Prés is een verzamelpunt van cultuur. In de cafeetjes en brasserieën vertoefden de grote filosofen, artiesten en cineasten van destijds. De laatste jaren heeft het culturele aspect moeten wijken voor de meer commercieel gerichte winkels, antiekzaken en boetieken. Beroemde modemerken zoals Giorgio Armani, Christian Dior en Louis Vuitton hebben hier hun winkels.


Square Félix Desruelles

Aangelegd: 1872
Standbeeld: Louis-Ernest Barrias
Sèvrespoort: architect Charles Risler, beeldhouwer Jules Coutan
icono-mapa-65

Bernard Pallisy Parijs

Naast de St.-Germain de Prés ligt een klein parkje, het Square Félix Desruelles. Het park is vernoemd naar de beeldhouwer Félix Desruelles en is een 'vaste' plek voor een aantal clochards.
In dit kleine parkje staat tegen een muur de Sèvrespoort, helemaal versierd met art-nouveau-beelden en geëmailleerd aardewerk. Gemaakt door de keramiekfabriek van Sèvres voor de Wereldtentoonstelling van 1900. Ook in het park staat het standbeeld van Bernard Palissy (1510 - 1589). Dat vind ik nu zo leuk aan Parijs, de dingen staan er maar niet zo, het past altijd weer bij elkaar, zo ook hier. Die Palissy was namelijk pottenbakker, werkte met keramiek en heeft vele jaren geprobeerd het Chinees porselein te imiteren, iets wat hem nooit echt is gelukt. Maar hij was ook Hugenoot. Overleefde de Bartholomeüsnacht, maar kwam wel in de Bastille terecht. Ondanks zijn veroordeling tot de doodstraf, mocht hij er van Hendrik III wel uit als hij zich maar 'bekeerde'. Heeft 'ie niet gedaan en kwam op 79-jarige leeftijd daar te overlijden. Niet door de doodstraf, maar gewoon in z'n cel.
De ook in dit park aanwezige fontein werd in 1925 gemaakt door de man wiens naam is verbonden aan dit kleine parkje, Félix Desruelles.


Cour du Commerce Saint-André

Aangelegd: ca. 1730
icono-mapa-65

Aan de Boulevard St.-Germain, precies tegenover het standbeeld van Danton en metro Odeon, is de toegangspoort van dit legendarische plekje in Parijs.
Even terugkomen op het standbeeld van Danton. Hier stond vroeger het kantoor van één der bedenkers van de Revolutie. Danton was advocaat en zijn praktijk stond precies op de plek waar nu het standbeeld staat. Met Robespierre, Desmoulins en Marat stippelde hij de eerste lijnen uit van de Revolutie.

Cour du Commerce St.-André - Parijs

Als we de poort van de Commerce binnentreden gaan we op zoek naar de geschiedenis. Nummer 8 herbergde vroeger de drukkerij van Jean-Paul Marat, waar het verboden revolutieblad l'Ami du Peuple van de pers rolde.
Het fanatisme en de meedogenloosheid van deze Marat beangstigde veel mensen. Eén van die mensen was Charlotte Corday. Ze zocht op 13 juli 1793 Marat op in zijn huis en trof hem aan in bad. Dit was niet ongewoon omdat Marat veel in bad lag vanwege een huidziekte waar hij aan leed. Met een mes stak ze Marat in de borst en wachtte kalm en rustig op de politie. Tijdens de rechtszaak die volgde op de moord verklaarde zij: 'Ik heb één man omgebracht om er 100.000 te redden'. Vier dagen na Marats dood werd zij onthoofd onder de guillotine. En ook die guillotine heeft hier zijn geschiedenis.
Een paar meter verder is Relais Odeon, vroeger de woning van de 'uitvinder' van de guillotine. Dr. Joseph-Ignace Guillotin, een fanatiek tegenstander van de middeleeuwse doodstraffen die toen werden uitgevoerd, perfectioneerde een hakmes waar eerder een soort patent op was aangevraagd voor het gemakkelijk en snel doden van schapen. Na zijn dood hebben de kinderen de familienaam gewijzigd, zegt genoeg toch?

Restaurant Procope Parijs

Weer een klein stukje verderop staat al eeuwen Café Le Procope, het oudste cafe van Parijs. In 1686 opende Francesco Procopio dei Coltell uit Palermo, hier een koffiehuis nabij een oude Jeu de Boulesbaan. De Italiaan verkocht ook de eerste ijsjes in Parijs, een nieuwigheid die aan het hof in Versailles zeer geliefd was. Toen vlakbij enkele jaren later het prestigieuze Académie Française zijn deuren opende werd het een druk bezocht theatercafe. Het heeft trots een aantal foto’s/prenten van beroemde bezoekers in zijn etalage uitgestald. Enkele van de vele bekende stamgasten waren Balzac, Victor Hugo, maar ook Napoleon, Robespierre, Desmoulins, Danton, Marat, de mannen van de revolutie. Wat zullen hier een interessante én geheime gesprekken hebben plaatsgevonden! De mooiste verhalen gaan rond over dit oude koffiehuis. Zo zou Napoleon ooit zijn hoed hebben achtergelaten als onderpand voor een onbetaalde rekening. De hoed hangt ‘als bewijs’ ingelijst aan de muur, tja... Trouwens, Danton, Desmoulins en Robespierre zijn alledrie onder de guillotine terechtgekomen, die moordmachine die tijdens hun gesprekjes bij de buurman van hun stamkroeg is geperfectioneerd. Hadden ze toch nooit kunnen bedenken?
Precies tegenover Le Procope is een hofje, als je geluk hebt is het hek open. Ondanks dat er ‘prive’ staat, toch even naar binnen gaan. Het zijn eigenlijk drie hofjes, maar de meest bekende is Cour de Rohan, waar Hendrik II in de 16e eeuw een aantal huizen liet bouwen, een rechtbank (nu een Monument Historique) en een woning voor zijn maîtresse Diane de Poitiers. Ook kun je hier nog een gedeelte zien van de muur die Philippe- Auguste liet bouwen voordat hij op Derde Kruistocht ging aan het eind van de 12e eeuw.

We kunnen dus met recht zeggen dat we hier, in dit kleine straatje, door de wieg van de Revolutie lopen. Wat een plek!

Restaurant Procope Parijs

De voorkant van Café Le Procope, het oudste koffiehuis van Parijs


St.-Sulpice

Gebouwd: 1646
Architecten: Gilles-Marie Oppenordt, Giovanni Servandoni en Chalgrin
Opdrachtgever: Jean-Jacques Olier
icono-mapa-65

St.-Sulpice Parijs

De St.-Sulpice, de parochiekerk van de wijk Saint-Germain, heeft een zeer lange bouwgeschiedenis. Het eerste kerkje wat hier ooit stond werd gesticht door de abdij van Saint-Germain-des-Pres, waarschijnlijk al in de 13e eeuw. Op deze plek stond in de Romeinse tijd al een tempel gewijd aan de godin Isis. In de 14e eeuw werd de kapel vergroot, inmiddels te klein geworden voor de inwoners van het dorp. In de 16e eeuw wordt de kerk wederom uitgebreid met een nieuw koor en zeven kapellen, het altaar wordt in 1548 ingewijd. In 1642 wordt onder leiding van Jean-Jaques Olier een plan gemaakt om de oude Romaanse kerk te vervangen, het moest een kerk worden die aansloot bij de pracht en praal van het iets verderop gelegen Palais de Luxembourg. Het was Anna van Oostenrijk, de vrouw van Lodewijk XIII, die in 1646 de eerste steen legde en hiermee het startschot gaf aan een bouwperiode van zowat 150 jaar. Het koor was pas na 32 jaar gereed, waarna er vijftig jaar lang helemaal niets gebeurde. In 1732 ging men eindelijk verder met de façade en in 1788 was na een brand en een blikseminslag het resultaat wat we op dit moment kunnen zien. Eigenlijk is de kerk nog steeds niet klaar, de zuidtoren (18e eeuw) bijvoorbeeld, is nooit helemaal afgemaakt.
Tijdens de Franse Revolutie onderging St.-Sulpice hetzelfde lot als zoveel andere kerken en werd het godshuis omgetoverd in een overwinningstempel. Toen Napoleon in november 1799 als overwinnaar terugkeerde van zijn Egyptische veldtochten liet hij zich in deze kerk lauweren. De Mariakapel, de Delacroix fresco’s en één van de grootste orgels van Frankrijk met maar liefst 6588 orgelpijpen, zijn zeker een bezoek waard. Victor Hugo trouwde in deze kerk met Adèle Foucher in 1822.

De kerk werd bij het grote publiek bekend doordat ze werd genoemd in de bestseller de Da Vinci Code. Door de kerk loopt de Lina Rosa de oude meridiaan van Parijs, er wordt gezegd dat Victor Hugo (die hier trouwde) Grootmeester is geweest van de Priorij van Sion, de kerk werd gebouwd op een plek waar eerder een tempel van Isis heeft gestaan, priester Bérenger Saunière uit Rennes-le-Château is hier geweest tijdens zijn geheimzinnige reisje naar Parijs en er staat een obelisk wat nogal ongebruikelijk is voor een kerkinterieur. Redenen genoeg voor Dan Brown om hier een triller van te maken.


Pont des Arts

Gebouwd: 1803
Architect: Louis-Alexandre de Cessar
Opdrachtgever: Napoleon Bonaparte
icono-mapa-65

Je zou het niet zeggen, maar dit was in 1803 een super moderne brug, de eerste gietijzeren brug over de Seine én die van Europa. De brug, 155 meter lang en 11 meter breed, is alleen toegankelijk voor voetgangers, die in de beginjaren zelfs tol moesten betalen, en is al jaren een geliefde ontmoetingsplek. Eigenlijk is het een replica want de orginele brug stortte in 1979 voor een groot gedeelte in, dit van de gevolgen van de bombardementen van de beide wereldoorlogen en van de boten die er met regelmaat tegen aan botsten. Wat je nu ziet werd gebouwd in 1984 en is van de hand van Louis Arretche, die iets minder bogen gebruikte en in plaats van gietijzer werd er staal gebruikt. Veilig? Ja, maar niemand kon vermoeden wat er een paar jaar later gebeurde. In 2008 waren het de ‘stelletjes’ die een liefdesslotje aan de brug vastklikten en vervolgens het sleuteltje in de Seine gooiden. Iets wat binnen een mum van tijd een rage werd, zo erg dat zijkant de brug in 2015 werd voorzien van speciale plastic wanden. De brug zou letterlijk en figuurlijk onder het gewicht (700.000 stuks - ca. 60.000 kg) van de liefdesuitingen bezwijken. Aan het plastic kunnen geen slotjes worden bevestigd. Helaas worden de plastic wanden ook voorzien van graffiti, je moet ervan houden. Wat niet gauw zal veranderen is het uitzicht op het Institut de France, het eiland Ile Cité met de Notre-dame, de Pont Neuf en het Louvre en in de verte kun je Musée d’Orsay zien liggen. Eén van de mooiste uitzichten over Parijs.


Restaurant Lapérouse Parijs

Restaurant Lapérouse, al vanaf 1766 een begrip. Niet goedkoop, maar wel één van de beste in Parijs


Een klikje wordt gewaardeerd!


→ Naar het 7e arrondissement

→ Naar boven

→ Naar HOME


→ Sitemap